Als vrijwilliger op stap met mevrouw S.

De deur van de flat gaat krakend open als ik tien minuten voor de afgesproken tijd bij mevrouw S. op de stoep sta. Vandaag ga ik voor het eerst op bezoek bij mijn cliënte van Humanitas, waar ik me een tijdje terug heb aangemeld als vrijwilliger om op vriendschappelijk huisbezoek te gaan bij eenzame mensen. Een beetje zenuwachtig ben ik wel: je weet maar nooit wat je kunt verwachten.

Vorige week heb ik mevrouw S. kort telefonisch gesproken en hebben we afgesproken om vanmiddag samen te gaan wandelen.
Het gordijntje bij de voordeur gaat langzaam opzij. Twee angstige ogen gluren langs de kier, terwijl de deur langzaam open gaat. “Hallo, ik ben Laura van Humanitas!” roep ik vrolijk. Met grote ogen kijkt mevrouw S. me aan. “Oh, was dat vandaag? Ik dacht morgen!” Later vertelt ze me dat dit komt doordat een puntje van haar korte memorie is aangetast toen ze een hartaanval kreeg, enkele jaren geleden. En dat is niet haar enige gebrek, daar zou ik vanmiddag al spoedig achter komen.
“Komt u maar binnen, sorry hoor, ik dacht echt dat het morgen was.” Mevrouw S. is duidelijk van haar stuk gebracht. Ik bied nog meerdere keren aan om morgen terug te komen, maar dat is niet nodig. Ik schrik als ik de kleine woonkamer inloop: de hele vloer, tafel, banken, stoelen en andere meubels liggen bezaaid met papieren en andere spullen. Bankafschriften, kopjes, borden, oude kranten: je kan nergens normaal je voeten zetten zonder op te letten dat je niet ergens over struikelt. Er is nog net een piepklein puntje op de bank vrij waar ik kan gaan zitten.
“Lust u wat frisdrank? Ik heb nog geen thee gezet. Ik haal even een glas.” Als ze terug komt lopen wijst mevrouw S. naar een plek voor mijn voeten. “Daar staat het. Pakt u maar. Heel lekker, met mango.” Inderdaad, mevrouw S. heeft niets teveel gezegd. “Lust u er nog een koekje bij? Neem er maar twee, dan gaat het pak beter dicht.” Zonder mijn antwoord af te wachten legt mevrouw S. twee chocowafels voor me neer. Vooruit dan maar.
Als de ergste schrik van mijn onverwachte bezoek voorbij is, begint mevrouw S. te praten. Over haar slechte zicht, want ze is aan één oog blind, haar gehoor, dat ook niet meer is wat het geweest was, en haar been, die ze een tijd terug heeft gebroken en waar ze nu nog steeds zo’n last van heeft dat ze niet alleen durft te gaan wandelen. Oh, en de hartproblemen niet te vergeten. Haar hartinfarct van enkele jaren geleden heeft haar korte memorie aangetast, waardoor ze soms dingen vergeet of niet meer op een bepaald woord kan komen, en de openhartoperatie die ze daarna heeft gehad was ook geen pretje.
Mevrouw S. praat tegen me alsof ze me al jaren kent, en ik luister zo goed als ik kan. Naar haar verhalen over vroeger, toen ze met haar inmiddels overleden man op een woonboot woonde en het hele land afreisde. Toen ze werkte als boekhoudster, want cijfertjes en wiskunde, dat was echt haar ding. En ik luister naar haar geëmotioneerde verhaal over hoe erg ze het wel niet vond, en nog steeds vindt, misschien wel meer dan toen, dat ze nooit kinderen heeft kunnen krijgen.
Af en toe onderbreekt ze haar verhaal en staart naar buiten, over het water waar grote schepen doorheen varen. “Dat vind ik toch zo fijn, hè,” zegt mevrouw S. stralend. “Op het water gebeurt altijd wat, het is nooit hetzelfde. Kijk eens wat een mooie vlag die boot heeft!” Op het dek van het schip wappert de Nederlandse vlag. “De meeste vlaggen zijn zo vies, deze is tenminste mooi schoon.” Ik knik instemmend.
Tijdens ons wandelingetje houdt mevrouw S. niet op met praten. Vanachter haar rollator, die ik met veel moeite naar beneden heb gedragen, complimenteert ze me met mijn jas. “Prachtig, hoor, met die mouwen zo en die riem. En paars is ook zo’n mooie kleur!” Zelf ziet ze er netjes uit in haar donkerblauwe mantel met groene baret. Je zou niet zeggen dat ze al 87 is. Hoewel: “Nu moet ik toch echt eventjes uitrusten, hoor,” zegt ze terwijl ze op haar rollator leunt. “Ben ik toch alweer een heel trappenhuis verder dan gisteren!” En daar doe ik het voor.

wandelenmevrs

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *